Grondslagen en assumpties

Doelstellingenboom

Terug naar navigatie - Grondslagen en assumpties - Doelstellingenboom

De nieuwe doelstellingenboom, bestaande uit beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties is het resultaat van een ruim voortraject met de opmaak van een uitgebreide omgevingsanalyse, een inspiratienota van de administratie voor de nieuwe deputatie en het uiteindelijke bestuursakkoord van de deputatie.
Dit traject verzekert een gedragen doelstellingenboom, gebaseerd op een aantal uitgangspunten:

  • rapportering op niveau van actieplannen
  • meer gezamenlijke beleidsdoelstellingen en actieplannen
  • in totaal minder actieplannen en acties dan in mjp 2020-2025
  • acties en budgetten ondersteunende diensten maximaal gekoppeld aan actieplannen van de beleidsdirecties
  • een evenwichtige spreiding over alle directies en diensten
  • een logische opbouw in de beleidsrapporten
  • 1 actieplan per ‘uitbating’ (school, educatief centrum, recreatiedomein…) waar alle eigen acties, personeel en acties ondersteunende diensten aan gekoppeld worden

De doelstellingenboom bevat 20 beleidsdoelstellingen, 88 actieplannen en 519 acties, gegroepeerd in 5 hoofdstukken.

20 actieplannen worden voorgesteld als ‘prioritair’, wat betekent dat hierover meer in detail wordt gerapporteerd, zowel in de strategische nota (cijfers per prioritair actieplan) als bij de jaarrekening. In de opvolgingsrapportering en beleidsevaluatie worden evenwel alle actieplannen geëvalueerd, zodat ook het niet-prioritair beleid op dezelfde wijze aan de Provincieraad kan worden toegelicht. 

De actieplannen hebben allemaal een maximaal voorziene looptijd van 6 jaar, indien er inhoudelijke wijzigingen noodzakelijk blijken zullen deze in een aanpassing van het meerjarenplan worden toegelicht. Acties kunnen in de loop van het meerjarenplan toegevoegd worden waar nodig.

Indeling beleidsdomeinen

Terug naar navigatie - Grondslagen en assumpties - Indeling beleidsdomeinen

De beleidsdomeinen hebben een louter informatieve rol, ze komen enkel nog tot uiting in schema T1: ontvangsten en uitgaven naar functionele aard en in de samenvatting per beleidsitem (toelichting).

De indeling van de beleidsvelden in beleidsdomeinen blijft ongewijzigd in vergelijking met indeling in het meerjarenplan 2020-2025. Hierdoor blijft de continuïteit behouden waardoor rapportering over langere periodes dan het meerjarenplan mogelijk blijft.

Exploitatiebudget

Terug naar navigatie - Grondslagen en assumpties - Exploitatiebudget

Om budget en rekening beter op elkaar te laten aansluiten werd bij de opmaak van het meerjarenplan 2026-2031 rekening gehouden met de gemiddelde realisatiegraad van de exploitatie-uitgaven van de boekjaren 2021-2024.
Door uit te gaan van de gemiddelde realisatiegraad werd budgettaire ruimte gecreëerd voor nieuw beleid en kan in 2028 een belastingverlaging gerealiseerd worden.

Voor de personeelsuitgaven:

Voor de aankoop van goederen en diensten:

  • Vertrekbasis: het budget 2025, vermenigvuldigd met de gemiddelde realisatiegraad en verhoogd met 30% van het niet-aangewende budget
  • Indexatie voor 2026-2031: 2%.

Voor de toegestane werkingssubsidies:

  • Vertrekbasis: het budget 2025
  • Geen indexatie

Voor de financiële uitgaven:

  • Rentevoet op te nemen leningen: 3%

Voor de belastingontvangsten:

  • Opcentiemen op de onroerende voorheffing:
    • Bedragen geraamd door de Vlaamse Belastingdienst, met index voor aanslagjaren 2026-2027 gebaseerd op de inflatievooruitzichten van het Federaal Planbureau van 2 september 2025 en voor latere jaren op de economische vooruitzichten van 11 juni 2025 van het Federaal Planbureau
  • Algemene provinciebelasting:
    • Vertrekbasis: ingekohierde bedragen 2025
    • Groeivoet 2%
    • Verlaging basistarief vanaf 2028 met 10% voor de APB-gezinnen
    • Verlaging vanaf 2028 van de APB-bedrijven met 10%

Enkel de ontvangsten die daadwerkelijk ook gestaafd kunnen worden, werden opgenomen.

Investeringsbudget

Terug naar navigatie - Grondslagen en assumpties - Investeringsbudget

Om budget en rekening beter op elkaar te laten aansluiten werd bij de opmaak van het meerjarenplan 2026-2031 rekening gehouden met de gemiddelde realisatiegraad van de jaarlijks terugkerende investeringsuitgaven van de boekjaren 2021-2024.

  • Vertrekbasis regulier investeringsbudget: budget 2025, vermenigvuldigd met de gemiddelde realisatiegraad en verhoogd met 30% van het niet-aangewende budget.
  • Voor nieuwe projecten is bij opmaak van het meerjarenplan gestreefd naar een realistische timing (spreiding over de looptijd van het meerjarenplan).

Financiering

Terug naar navigatie - Grondslagen en assumpties - Financiering

In het initieel meerjarenplan zijn nieuw op te nemen leningen (130 mln EUR) ingeschreven in functie van het financieel evenwicht. De aflossingen en intresten hiervoor worden berekend op basis van een looptijd van 20 jaar en een rentevoet van 3%.

Bij elke aanpassing van het meerjarenplan wordt de financieringsbehoefte herberekend; een gunstig rekeningresultaat biedt de ruimte om het bedrag aan op te nemen leningen naar beneden bij te stellen.